Klamme handen

Af en toe schrijf ik een tekst volgens een schrijfidee dat ik online vond. Dit is er eentje van. Ik schrijf dan tot ik vast zit of denk dat het voldoende is.

Schrijfidee: een kort liefdesverhaal


Klamme handen

Ik wandelde de trap af, niet te snel, zodat ik voldoende tijd kon nemen om rond te kijken. Hier beneden in de grote hal zou ze ergens moeten staan. Ik vroeg me af of ik ze wel zou herkennen. Mijn hart klopte in mijn keel. Ik was nooit erg goed geweest in zo’n spontane zaken, maar ik was verliefd geworden op iemand aan de andere kant van het internet. We hadden elkaar leren kennen in een chat. We waren beide niet op zoek naar de liefde, eerder naar een praatje na een lange werkdag. Het klikte van begin af aan, het was al snel duidelijk dat we dezelfde humor hadden. Toen ik iedereen in de chat had wijsgemaakt dat de combinatie ALT+F4 iets cools zou tonen en zowat de helft opeens de chat verlaatte, kwam ze niet meer bij van het lachen. We gingen meer en meer privé chatten en na een tijdje ging de camera zelfs aan. Maar we bleven typen, voor de voice chat waren we geloof ik nog iets te verlegen. Wanneer een gesprek tijdens een chat stilvalt, is dat nu eenmaal minder abrupt dan tijdens een voice chat. Nu goed, dat vind ik toch. Ik geloof dat ze om net dezelfde reden ook nooit had gevraagd om via de microfoon te praten.

Maar hier was ik dus. Na een half jaar chatten hadden we besloten om samen de Zoo te bezoeken. Ik was nog nooit zo zenuwachtig geweest. Mijn handen waren klam terwijl mijn ogen de grote massa mensen scanden in de stationshal. Ik leek haar niet te vinden, dus ging wat aan de kant staan en zette mijn gsm uit de blokkeerstand. Mijn hand trilde terwijl ik mijn berichten opende. Ik stuurde “Hey, ik ben er. Waar ben jij?” Ik bleef rondkijken, een beetje schuw omdat ik me bewust werd van het feit dat zij me misschien wel al zag terwijl ik als een zenuwachtig persoon mijn ogen van mijn gsm liet glijden in de menigte. Dat leek me wat genant te zijn en ik voelde mijn wangen rood worden. Zoals ik al zei, ik ben echt niet goed in dergelijke situaties. Ik kies meestal liever voor de dingen die ik ken, maar mijn hart had deze keer gewonnen van mijn verstand. Zelfs al had mijn verstand heel de trip alarm geslagen en geprobeerd me te laten terug keren, toch had ik doorgebeten om de trein te nemen naar de stad.

Mijn gsm trilde. Een bericht van haar: “Ey, ik sta aan de loketten, heb een rood topje aan en een jeansbroek.”

Ik keek even rond, vond de lokketten en wandelde ernaar toe. Ik zag inderdaad van op een afstand dat er iemand met een rood topje stond. “Fuuuuck, nu gebeurt het echt,” dacht ik en mijn innerlijk alarm loeide nog maar eens kei hard.

Onze blikken kruisten en ik lachte haar toe.

“Hey,” zei ik terwijl ik voelde dat heel mijn gezicht rood werd. “Ik had al even rondgekeken, maar had je niet gezien. Ik dacht dat een smsje wel handiger kon zijn.”

“Hallo,” zei ze, “zullen we dan maar naar de Zoo gaan?”

Ik knikte.

“Daar is de uitgang die het dichtst bij de Zoo uitkomt”

“Ok, ik volg!” probeerde ik op een nonchalante manier te zeggen, maar met de krop in mijn keel kwam het nogal stuntelig over. Had ik nu maar mijn zenuwen onder controle, ik moest echt rustig worden. “Adem in, adem uit,” fluisterde een stem in mijn hoofd en ik trachtte dit zo goed mogelijk te doen tot we uit het station waren. Ze wees naast haar naar een poort met aan weerszijden twee grote standbeelden elk in de vorm van een leeuw. “Kijk, daar is het!”

“Ok, laten we dan maar naar binnen gaan en tickets kopen,” bracht ik voor de eerste keer een redelijk verzekerde zin uit.

Ze glimlachte en draaide zich richting de Zoo om de weg verder te zetten. Mijn hart maakte een grote sprong. Met al die zenuwachtigheid viel het mij nu pas op hoe mooi ze ook in het echt was.

Advertenties

Oncomfortabel

Hij zette zich neer en ging even af het zitvlak om de stoel dichterbij de tafel te schuiven. Hij probeerde zich comfortabel te zetten, maar faalde. Een andere keer had de designerstoel misschien wel comfortabel gezeten, maar niet vandaag. Vandaag voelt niets comfortabel. In zijn handen nam hij de papieren aan die hem werden toegereikt. Er volgde een pen. De oudere vrouw wees naar de rechterhoek onderaan het bovenste blad en knikte geduldig. Had zij ook maar geduldig geweest. Had hij ook maar geduldig geweest. Hij plaatste zijn handtekening en zette daarmee een oncomfortabele finale streep onder zijn huwelijk.

Lichtsnelheid

Na het verlaten van de planeet Lomotog vliegt een groep overijverige Critters richting een vaag glimmend punt in de verte. Naarmate ze dichterbij komen, verandert het punt in een kleine bruine komeet met daarop duidelijk de contouren van Bento’s schip. Na een succesvolle landing zet het hoopje gespuis voet op de komeet. Ze volgen een vaag spoor en stappen een donkere grot binnen. ‘Ver kan hij niet zijn!’ In de verte horen ze het starten van motoren. Ze rennen buiten en zien nog net de laatste lichtflits uit de motor komen van hun schip dat de lichtsnelheid overtreft. ‘Bentoooooo!’

In mijn armen

Het monotone geluid doet m’n zware oogleden neervallen. Ik vecht lustig, maar verlies mezelf in dromenland. Plots hoor ik een harde metalen klap en vlieg tegen het dashboard. De gordel snijdt in mijn hals. Verward kijk ik naar haar. We worden weer aangereden. Mijn hart breekt wanneer ik haar onwillig tegen het stuur zie vliegen. Ik probeer haar in mijn armen te sluiten, haar te redden. Mijn hart schreeuwt het uit van ontreddering. Ik schiet wakker in een poel van zweet en voel haar warmte in de handpalmen van mijn uitgestrekte armen. Ik hoor haar zachtjes ademen en bedaar.

De Camaro

Ik trek het zeil van de Camaro, licht weerkaatst op de motorkap. Ik zie mijn grootvader mij ophalen in de Camaro om nooit nog weer te keren. Mijn vader was weggegaan. Mijn moeder was kapot gegaan van verdriet. Opa had me sindsdien onder z’n hoede genomen. Over mijn vader praten was taboe, nooit hebben we over hem gepraat. Ik leg opa’s doodsprentje op het dashboard en open het dashboardkastje. Iets dwarrelt op de automat. Ik raap het op. Een oude foto van m’n vader en opa. Met de Camaro op de achtergrond. “Hier zijn we dan, opa. Alledrie. Verenigd.”